Kop op Het Hogeland

Het lokaal programmaplan Kop op Het Hogeland beschrijft hoe de gemeente Het Hogeland voor de periode tot 2030 op lokaal niveau een bijdrage levert aan de ambities van het Nationaal Programma Groningen. Het beschrijft in 6 programmalijnen het perspectief voor inwoners en ondernemers van de hele gemeente.

Het plan in 3 minuten

Inleiding

Wat moet er gebeuren en waarom?

Groningen heeft al jaren te maken met de negatieve gevolgen van gaswinning. Tegelijk zijn er veel kansen voor de regio en Nederland die perspectief bieden. Daarom sloot het Rijk in 2019 met de provincie en de gemeenten in Groningen een overeenkomst voor Nationaal Programma Groningen. Het doel van dit programma is dat Groningen met behoud van de eigen identiteit een toekomstbestendig en leefbaar gebied blijft waar het goed wonen, werken en recreëren is. Nationaal Programma Groningen biedt dat perspectief aan de inwoners van het gebied. Het kan echter geen succes worden zolang schadeherstel en versterking niet op orde zijn.

Voor de uitvoering van Nationaal Programma Groningen stelt het Rijk 1,15 miljard euro beschikbaar. Een onderdeel van de afspraken met het Rijk is dat de gemeenten lokaal ‘aan zet’ zijn. Elke gemeente heeft trekkingsrecht en kan zelf vormgeven aan de doelen van Nationaal Programma Groningen. Een voorwaarde om hiervoor in aanmerking te komen, is het opstellen van een Lokaal Programmaplan, in samenspraak met de eigen inwoners. Het Lokaal Programmaplan wordt in de vorm van dit Bidbook aangeboden aan Nationaal Programma Groningen.

De ambities van het Nationaal Programma Groningen

Alle investeringen van Nationaal Programma Groningen moeten op een positieve manier structureel bijdragen aan het levensgeluk van alle Groningers. Ze moeten een positief effect hebben op de brede welvaart en het imago van Groningen. Brede welvaart gaat over gezondheid, welbevinden, veiligheid, de kwaliteit van natuur en milieu, opleidingsniveau en vertrouwen in politiek en bestuur. Het vergroten van de brede welvaart moet niet alleen merkbaar zijn voor de inwoners, maar er ook aan bijdragen dat Groningen een aantrekkelijke toeristische bestemming, vestigingslocatie en woonplaats is.

Om aan de brede welvaart en het imago te werken, heeft Nationaal Programma Groningen ambities op vier gebieden die in de regio belangrijk zijn: Economie, Werken en Leren, Leefbaarheid en Natuur en klimaat.

Wat is het Lokaal Programmaplan?

Het Lokaal Programmaplan beschrijft hoe de gemeente Het Hogeland voor de periode tot 2030 op lokaal niveau een bijdrage levert aan de ambities van Nationaal Programma Groningen. Het beschrijft het perspectief voor inwoners en ondernemers van de hele gemeente.

Het Lokaal Programmaplan is nadrukkelijk geen allesomvattende visie voor de hele gemeente en alle beleidsterreinen. Het is een perspectief gericht op het versterken van de veerkracht van Het Hogeland. Het Lokaal Programmaplan is daarnaast een kader voor de concrete projectaanvragen die Het Hogeland indient bij Nationaal Programma Groningen.

Hoe gaat het in zijn werk?

Na goedkeuring door het bestuur van Nationaal Programma Groningen stelt de gemeenteraad het Lokaal Programmaplan vast. Het bestuur van Nationaal Programma Groningen laat zich adviseren door een onafhankelijke beoordelingscommissie. Het Lokaal Programmaplan is een dynamisch document dat regelmatig wordt geactualiseerd. Het is dus een dynamisch document. Zo spelen we in op actuele ontwikkelingen en samenwerkingen in én buiten Het Hogeland.

Met het Lokaal Programmaplan zijn de middelen nog niet binnen. Om de middelen te verkrijgen, moet per project een aanvraag bij het bestuur van Nationaal Programma Groningen worden gedaan, waarbij de onafhankelijke beoordelingscommissie een advies geeft. De projecten moeten passen bij het Lokaal
Programmaplan, de bestuurlijke uitgangspunten van Het Hogeland en de ambities en criteria van Nationaal Programma Groningen. Nieuwe projecten kunnen ingediend worden als het Lokaal Programmaplan wordt geactualiseerd. Als snelheid gewenst is, kan dat ook tussendoor. Na akkoord van Nationaal Programma Groningen kan de uitvoering starten.

De uitvoering van het Lokaal Programmaplan verloopt via de thematafels die per programmalijn worden ingericht.

De criteria van het Nationaal Programma Groningen

Participatie

Wat we doen, doen we met en voor inwoners en maatschappelijke organisaties.

Integraal

het programma moet samenhangend zijn, zo min mogelijk intern strijdend zijn en ingaan op alle vier ambities.

Proportionaliteit

‘Geen kleine dingen’, het effect van het programma moet wezenlijk zijn.

Samenhang

Een goede samenhang tussen lokale en regionale belangen.

Toekomstbestendigheid

De projecten moeten een duurzaam effect hebben, juist op de lange termijn.

Cofinanciering

Daar waar mogelijk zoveel mogelijk cofinanciering inzetten om een zo maximaal mogelijke financiële hefboom te creëren.

Bestuurlijke uitgangspunten Het Hogeland als afwegingskader voor projecten

Aanvullend op de criteria van Nationaal Programma Groningen heeft Het Hogeland een aantal aanvullende bestuurlijke uitgangspunten opgesteld en verwerkt in een afwegingskader. Projecten vanuit Het Hogeland worden getoetst aan:

  • de mate waarin het project aansluit op datgene waar Het Hogeland op in wil zetten vanuit het Lokaal Programmaplan;
  • de mate waarin het project een duidelijke, inhoudelijke ‘plus’ laat zien;
  • de wijze waarop het project intern is (of kan worden) verankerd;
  • de vraag of de projecten ‘obstakelvrij’ zijn uit te voeren en
  • het moment waarop de projecten kunnen worden uitgevoerd en gerealiseerd (projectplanning).

Daarbij moet er aandacht zijn voor:

  • een goede regionale spreiding van projecten, waarbij kwaliteit wel bóven kwantiteit gaat;
     
  • ‘achterblijvers’ (ook dorpen of gemeenschappen die minder krachtig zijn, moeten vanuit Nationaal Programma Groningen een kans krijgen);
     
  • de mate waarin er sprake is van cofinanciering op projectniveau. Het uitgangspunt is dat de hefboom zo maximaal mogelijk is en gebruik wordt gemaakt van alternatieve financieringsbronnen. Hiermee wordt bedoeld dat er zoveel mogelijk andere beschikbare financiering naast de middelen vanuit Nationaal Programma Groningen wordt gezocht. Als er voor het Lokaal Programmaplan bijvoorbeeld een aanvraag voor leren en ontwikkelen wordt gedaan, moet er ook naar subsidiemogelijkheden gezocht worden. Denk aan de subsidieregeling die de Rijksoverheid voor leren en ontwikkelen heeft. Soms is co-financiering zelfs een voorwaarde en in alle gevallen wordt het budget Nationaal Programma Groningen hier dan niet volledig voor benut zodat er geld overblijft voor andere projecten. Daarnaast is er op deze wijze minder financiële middelen vanuit Nationaal Programma Groningen wat vervolgens ingezet kan worden voor andere projecten;
     
  • de mate waarin een project erin slaagt koppelkansen te benutten met sociale inclusie, SROI, biodiversiteit, het stimuleren van beweging en duurzaamheid;
     
  • een gespreide inzet van de beschikbare financiële middelen in de tijd.

Projecten die in ieder geval niet in aanmerking komen voor financiering zijn:

  • projecten of activiteiten die een wettelijke taak van de gemeente zijn;
  • projecten of activiteiten die de reguliere markt verstoren;
  • projecten of activiteiten die de versterkingsopgave en schadeafhandeling verdringen;
  • projecten of activiteiten die in conflict zijn met het gemeentelijk beleid;
  • de schade en versterking zelf.

Samenhang met overige Nationaal Programma Groningen programma’s

Nationaal Programma Groningen is een samenwerkingsverband van Rijk, provincie en gemeenten. Vanuit Nationaal Programma Groningen bundelen we de krachten en voeren we verschillende programma’s uit:

Toukomst

Hierin bundelen we de ideeën van de inwoners van Groningen tot grote projecten en stellen we een Toukomstbeeld op. Het Toukomstbeeld is een inspiratiebron voor beleidsplannen. In september zijn de Toukomst-projecten uitgewerkt en kunnen de Groningers ze beoordelen. In oktober gaat het Toukomstpanel verder. Het panel adviseert het bestuur van Nationaal Programma Groningen over de uit te voeren Toukomstprojecten.

Erfgoedprogramma

Dit programma zet in op het behoud en vernieuwen van cultureel erfgoed en loopt al sinds 2017. Het erfgoedprogramma 2020-2030 wordt uitgebreid met extra subsidie- en ondersteuningsmogelijkheden.

Zorgprogramma

Daarin wordt geïnvesteerd in aardbevingsbestendige en levensloopbestendige zorggebouwen.

Provinciaal thematisch programma

Daarin maakt de provincie een integraal plan met ambities die het lokale niveau overstijgen. Het thematisch programma van de provincie is voor de zomer van 2020 vastgesteld door Gedeputeerde Staten en het bestuur van Nationaal Programma Groningen. Provinciale Staten stelt het programma begin oktober vast. Daarna volgt een uitvoeringsplan dat de concrete projecten beschrijft.

Lokale programma’s

Alle vijf gemeenten stellen hun eigen Lokaal Programmaplan op om op lokaal niveau een inhoudelijke plus te realiseren. Zodat niet alleen de huizen sterker worden, maar ook de dorpen en steden waarin ze staan. Vrijwel alle gemeenten verwachten dat ze eind dit jaar of begin 2021 hun Lokaal Programmaplan vaststellen.

Vrijwel alle bovenstaande programma’s worden in 2020 voorbereid of opgesteld. In deze fase proberen we zoveel mogelijk verbindingen te leggen, wat inhoudelijk per programmalijn in het Lokaal Programmaplan wordt beschreven. Door uiteenlopende planningen is dat nog niet overal mogelijk. Bij de actualisatie van het Lokale Programmaplan maken we de onderlinge samenhang en verbinding steeds beter zichtbaar.

Per programmalijn richten we thematafels in. Op deze manier leggen we continu de verbinding met de overige programmaonderdelen van Nationaal Programma Groningen. Zo komen we tot een optimale synergie en kunnen we koppelkansen optimaal benutten. De beschrijving van de programmalijnen (de volgende hoofdstukken), geeft per aan waar verbindingen mogelijk zijn met de overige onderdelen van Nationaal Programma Groningen.

Het Hogeland op het Nationaal Programma Groningen

De ambitie en inzet van Nationaal Programma Groningen is een zeer welkome impuls voor de uitdagingen waar Het Hogeland voor staat. Deze uitdagingen zijn uiteraard niet nieuw en onbekend voor Het Hogeland. We zetten er (deels) al op in. Met Nationaal Programma Groningen kunnen we hier een ‘plus’ op zetten of projecten aanpakken die wel bij onze ambitie passen, maar financieel onhaalbaar waren voor Het Hogeland. Zo kunnen we sneller betere resultaten behalen die de brede welvaart in onze gemeente vergroten. Per programmalijn staat in de volgende hoofdstukken beschreven wat de huidige situatie in Het Hogeland is (mede op basis van de SWOT-analyse) en waar we al op inzetten, deels gevoed vanuit de Visie Ruimte!.
Daarna geven we aan waar we vanuit het Lokaal Programmaplan als ‘plus’ op inzetten. Dit zijn veelal nog geen concrete projecten, maar ambities. Zodra onze ambities in de vorm van een project worden ingediend bij Nationaal Programma Groningen, wordt aan de hand van de projectformats duidelijk hoe het bijdraagt aan de ambities van Nationaal Programma Groningen. Het maakt duidelijk waarom juist nú de middelen van Nationaal Programma Groningen hiervoor nodig zijn en welke effecten we verwachten. Hiermee geven we ook ruimte aan onze stakeholders om bij te dragen aan de uitwerking van de ambities. Met dit Lokaal Programmaplan hebben we duidelijk onze ambities willen beschrijven, maar ruimte gelaten aan het proces wat we de komende tien jaren aangaan met onze stakeholders. Voor een dergelijk proces is deze ruimte ook nodig om hier flexibel op in te kunnen spelen.

In het Lokaal Programmaplan kiezen we bewust om lokale indicatoren te benoemen, naast de bestaande indicatoren vanuit Nationaal Programma Groningen. Hierdoor krijgen we ook op gemeentelijk niveau een goed beeld van de effecten.

Daarnaast staan de samenwerkingspartners bij iedere programmalijn beschreven. We vinden het belangrijk dat het Lokaal Programmaplan niet alleen voor en door de gemeente wordt uitgevoerd. We zien het Lokaal Programmaplan ook als een middel om onze werkwijze met stakeholders binnen én buiten de gemeente
te versterken. Samen met hen willen we verdere invulling geven aan de programmalijnen. Verschillende stakeholders hebben bij de ontwikkeling van het Lokaal Programmaplan al een grote rol gespeeld. Andere stakeholders worden vooral betrokken bij de vertaling van de ambities naar projecten óf de uitvoering van projecten.

De uitvoeringsparagraaf op bladzijde 44 geeft de programmabegroting weer met de stand van zaken van de middelen en een overzicht van de in te dienen projecten. Ook is er aandacht voor monitoring en evaluatie. De inhoud van het Lokaal Programmaplan is met participatie van de stakeholders tot stand gekomen. Het participatieproces op bladzijde 48 beschrijft deze participatie.

4 ambities

Economie

Ambitie Nationaal Programma Groningen

Ons doel is toekomstbestendige economische groei, voor de provincie als geheel en voor elke gemeente afzonderlijk. Daarnaast gaan we de economische structuur duurzaam versterken door te werken aan een ideaal vestigingsklimaat en kansrijke sectoren waarin Groningen koploper blijft of wordt.

Doelstelling Nationaal Programma Groningen

De Bruto Toegevoegde Waarde stijgt in Groningen sterker dan gemiddeld in Nederland.

Leefbaarheid

Ambitie Nationaal Programma Groningen

Het doel is een leefbaar en toekomstbestendig Groningen. Enerzijds gaat dit om de kwaliteit van de fysieke leefomgeving: veilig wonen en leven, nu en in de toekomst. Dit is een belangrijk onderdeel van werken aan brede welvaart in de regio, omdat juist dit aspect door de gevolgen van gaswinning fundamenteel is aangetast. Hoe leefbaarheid wordt ervaren, wordt niet alleen door de hiervoor genoemde veiligheid bepaald. Het hangt ook sterk af van de manier waarop de directe leefomgeving (wonen, landschap en natuur) is vormgegeven. Daarnaast bepalen ook de gezondheid, het geluk en het welbevinden van de Groningers de leefbaarheid.

Doelstelling Nationaal Programma Groningen

Elke gemeente in het aardbevingsgebied presteert beter op de leefbarometer (CBS) dan de gemiddelde ontwikkeling in haar referentiegroep.

Werken en leren

Ambitie Nationaal Programma Groningen

We zetten in op het versterken van de sociaaleconomische positie en het opleidingsniveau van Groningers. Opleidingen moeten aansluiten op de gevraagde niveaus en vaardigheden op de arbeidsmarkt.

Doelstelling Nationaal Programma Groningen

Elke gemeente in het aardbevingsgebied presteert beter op de netto-participatiegraad. Het gemiddeld besteedbaar inkomen en de uitstroom per opleiding is beter dan de gemiddelde ontwikkeling in haar referentiegroep.

Natuur en klimaat

Ambitie Nationaal Programma Groningen

We zetten ons in voor een aantrekkelijke leefomgeving, energietransitie en klimaatbestendigheid, voor natuurbehoud en circulaire landbouw. Een rijk landschap en een rijke natuur zijn van belang om perspectief voor Groningen en een goed vestigingsklimaat te bereiken.

Doelstelling Nationaal Programma Groningen

De regio presteert beter op biodiversiteit (Living Planet Index) dan het Nationale gemiddelde.

PROGRAMMALIJN 1:
Toekomstbestendige bedrijvigheid

Animatie programmalijn 1

1.1    Inzet vanuit het Nationaal Programma Groningen

Een robuuste economische structuur met toekomstbestendige bedrijvigheid en toekomstbestendige banen waar Groningers trots op zijn. Dat is de inzet binnen deze hoofdlijn. Niet alleen blijven we in Groningen koploper op het gebied van kennis en uitvoering van de energietransitie, ook produceren we hoogwaardige (streek)producten en doen we gerichte investeringen om de werkgelegenheid te stimuleren. Dat laatste gebeurt met name in het midden- en kleinbedrijf (mkb). Om dit te bereiken maken we bijvoorbeeld gebruik van slimme (subsidie)instrumenten en zetten we volop in op versterking van onze kenniseconomie. Daarbij zoeken we continu naar koppelingen met onze andere hoofdlijnen, om zo een optimaal en blijvend effect te bereiken.

Binnen Nationaal Programma Groningen ligt de nadruk op grote economische vraagstukken, zoals het verbeteren van het vestigingsklimaat, het aanjagen van de kenniseconomie en het versterken van de positie van Groningen als koploper in de energietransitie. Op regionaal niveau trekken gemeenten samen op om lokale bedrijvigheid in kansrijke sectoren, zoals toerisme en recreatie, naar een hoger plan te tillen.

1.2    De huidige situatie in Het Hogeland

In Het Hogeland zijn ongeveer 4.000 bedrijven gevestigd, die gezamenlijk voor meer dan 16.000 banen zorgen (5,7% van het totaal aantal banen in Groningen). Van oudsher is de agrarische sector, vooral de pootaardappelsector, sterk vertegenwoordigd in Het Hogeland. De zuivelfabriek van Friesland Campina in Bedum is tot één van de grootste producenten voor West-Europa uitgegroeid. Ook de visserij is een belangrijke economische factor. De Eemshaven is een economische kernzone met onder meer industriële bedrijvigheid, offshorebedrijven, een datacenter en energiecentrales. Daarnaast is er een omvangrijke mkb-sector en zorgt de toeristenbranche voor de nodige werkgelegenheid. In vergelijking met het Nederlands gemiddelde zijn er veel micro-bedrijven in Het Hogeland met 2 tot 10 medewerkers. Deze bedrijven spelen een belangrijke rol in de leefbaarheid.

Het Hogeland heeft hooggelegen, kwalitatief hoogwaardige landbouwgrond. Van oudsher is de agrarische sector sterk vertegenwoordigd. Er zijn diverse toonaangevende en internationaal gerichte bedrijven gevestigd. De schaalvergroting van de landbouw is goed zichtbaar. We zetten voorzichtig stappen richting een circulaire landbouw. De sector is bovendien bezig met innoveren en verduurzamen.

Binnen de garnalensector in Lauwersoog is er een transitie van fossiele brandstof naar waterstof. Dit leidt tot de verduurzaming van één van de belangrijke sectoren binnen Het Hogeland.

Om de detailhandel en de bijbehorende verzorgingsstructuur aantrekkelijk en levensvatbaar te houden, is in 2020 het nieuwe detailhandelsbeleid vastgesteld. De hoofdwinkelgebieden zijn Uithuizen, Winsum, Bedum en Leens. De overige vier kernen waar inwoners vooral voor de dagelijkse behoeften terecht kunnen, zijn Uithuizermeeden, Zoutkamp, Warffum en Baflo. De winkelvoorzieningen voor de dagelijkse behoeften zijn goed gespreid over de gemeente, net als de centra voor niet-dagelijkse behoeften. Deze worden dan ook gehandhaafd. Wel zijn er diverse uitdagingen voor de centra, zoals het terugdringen van een overaanbod, het benutten van de toeristisch recreatieve potentie voor detailhandel, het koppelen met andersoortige centrumfuncties en het professionaliseren van het ondernemerschap. Voor Uithuizen, Winsum, Bedum en Uithuizermeeden is vanuit Nationaal Programma Groningen al geld beschikbaar gekomen om een ‘plus’ te zetten op het realiseren van de bijbehorende centrumplannen.

Vanuit de Visie Ruimte! zetten we in op ruimte voor ondernemers om zich te vestigen of uit te breiden. Vanuit de markt is er meer vraag dan aanbod. Daarom is de gemeente in breed overleg met de provincie Groningen en de regio Groningen-Assen voor het creëren van meer fysieke ruimte.

1.3    Het perspectief van Het Hogeland in 2030

De sterke sectoren in Het Hogeland hebben zich positief ontwikkeld. Daardoor leveren ze een grotere bijdrage aan het verdienend vermogen van de regio. Deze bedrijven werken met elkaar samen aan innovaties en zijn mogelijk aan elkaar verbonden via clusters. Het (hoger en wetenschappelijk) onderwijs heeft een veel betere aansluiting bij de ondernemers in de regio gevonden. Dat heeft een positief effect op het innovatief vermogen en een leven lang ontwikkelen van de medewerkers. De gemeente profileert zich als een gemeente met een innovatief bedrijfsleven in de sterke sectoren, waar volop ruimte is om te ondernemen.

De kernen Uithuizen, Winsum, Bedum en Leens hebben een duidelijke centrumvoorziening en een passend aanbod van detailhandel, en zijn levensvatbaar. Daarnaast zijn er vier kernen die voorzien in de dagelijkse behoeften. De centrumplannen hebben hieraan een positieve impuls gegeven.

1.4    Waar zet Het Hogeland vanuit het Nationaal Programma Groningen op in?

  • Het Hogeland heeft een aantal sterke sectoren: landbouw, de visserij en de industrie. Door onderlinge samenwerking en kennisuitwisseling te stimuleren, groeit het innovatieve vermogen. Innovatie is belangrijk voor het verdienend vermogen van een bedrijf. Dit kunnen innovaties zijn op het gebied van digitalisering, circulariteit en verduurzaming. Het toepassen van kennis vanuit onder andere het hoger onderwijs kan hieraan een belangrijke bijdrage leveren. Hiervoor is een sterkere verbinding met het hoger en wetenschappelijk onderwijs nodig.
     
  • De economische profilering van Het Hogeland op het gebied van landbouw, visserij en industrie.
     
  • Sterke detailhandelskernen, verspreid over de gemeente, bestaande uit vier hoofdwinkelgebieden en vier kernen voor de dagelijkse behoeften. Met de detailhandelsvisie en de uitvoering van een aantal centrumplannen is hierin de eerste stap gezet, maar dit traject is nog niet afgerond. Onder andere de ontwikkeling van Leens staat nog op de planning.
     
  • Versterking van de vrijetijdseconomie. De toeristenbranche wordt in de programmalijn ‘Pronkjewailen op ’t Hoogelaand’ beschreven, omdat er een sterke relatie tussen toerisme, cultuur, erfgoed, landschap en natuur is.

1.5    Bijdrage aan de ambities van het Nationaal Programma Groningen

Het Hogeland heeft een aantal sectoren, zoals landbouw, visserij en de industrie in de Eemshaven, die volop bezig zijn met innovatie. Dit vergroot de werkgelegenheid in de regio en het draagt bij aan het verdienend vermogen van het bedrijfsleven. Voldoende werkgelegenheid is daarnaast van belang voor een goed leefklimaat, zowel qua kansen voor werkzoekenden als de bijdrage van ondernemers aan de lokale gemeenschap. De levensvatbare en aantrekkelijke detailhandelskernen dragen bij aan de verzorgingsstructuur van de gemeente. Daarnaast kunnen de bedrijven een belangrijke bijdrage
leveren aan de natuurontwikkeling, het vergroten van de biodiversiteit en klimaatadaptatie. Investeringen in de vrijetijdseconomie moeten leiden tot meer banen en meer economische groei. De programmalijn ‘Pronkjewailen op ’t Hoogelaand’ beschrijft de ambities op het gebied van landbouw en vrijetijdseconomie. Deze programmalijn richt zich namelijk op de biodiversiteit en het landschap, waarbij de landbouw een ‘drager’ is en de vrijetijdseconomie een ‘gebruiker’.

1.6    Indicatoren Het Hogeland

  • Bruto Toegevoegde Waarde
  • Banen per sector
  • Nieuwe vestigingen

1.7    Samenwerkende partners

De partners met wie Het Hogeland voor deze programmalijn onder andere gaat samenwerken, zijn:

  • Ondernemersplatform Het Hogeland
  • Economic Board Groningen
  • Ondernemershuis
  • Provincie Groningen
  • Agrarische Tafel
  • Regio Groningen-Assen
  • Het Rijk

 1.8    Samenhang overige programma’s Nationaal Programma Groningen

  • In het provinciaal programmaplan wordt vooral ingezet op waterstof (een volledige waterstofketen ontwikkelen waar de Eemshaven onderdeel van is), warmtetransitie (versnellen van lokale, gemeentelijke projecten), vergroening van de bedrijvigheid door circulariteit, innovatie, digitalisering en duurzame landbouw (ontwikkelen nieuwe verdienmodellen, creëren van nieuwe waardeketens).
     
  • De vrijetijdseconomie krijgt in het provinciaal programmaplan aandacht bij de programmalijn Beleef het Groninger Landschap. Het Hogeland heeft ervoor gekozen om dezelfde indeling te hanteren.
     
  • Vanuit Toekomst worden twee van de acht rode draden gekoppeld: duurzame landbouw en nieuwe economie.

1.9    Projecten

In onderstaand overzicht staan de projecten binnen deze programmalijn die tot nu toe via Nationaal Programma Groningen zijn gefinancierd. Ook staan er de projecten in die voor het komende jaar, gelijktijdig met het Lokaal Programmaplan, worden ingediend voor financiering vanuit Nationaal Programma Groningen. In de uitvoeringsparagraaf is een totaaloverzicht van alle programmalijnen en projecten terug te vinden.

Naam projectJaartalBedrag
Plus op centrumplan Bedum20192.856.000
Plus op centrumplan Winsum20193.542.000
Plus op centrumplan Uithuizen20192.632.000
Plus op centrumplan Uithuizermeeden20192.570.000
Ontwikkeling van het centrum van Leens,
passend bij het detailhandelsbeleid.
Wordt uitgewerkt tot een concreet project
voor aanvraag in 2020/2021
2020 / 2021PM

PROGRAMMALIJN 2:
Leven lang ontwikkelen

Van onderwijs naar kennis en vakmanschap

Animatie programmalijn 2

2.1 Inzet vanuit het Nationaal Programma Groningen

Voor een sterke kenniseconomie op het gebied van energie, zorg, toerisme en klimaat is veel nodig. De kern is: onderwijs en kennisontwikkeling verbinden met het vakmanschap van morgen. Daarom is binnen deze hoofdlijn aandacht voor het onderwijs van de toekomst als voorbereiding op de banen van de toekomst. Dit betekent dat we inzetten op nieuwe leerconcepten, waarmee we de kansen op werk voor alle Groningers vergroten. Door vakmanschap en kennis te koppelen, bereiken we een structureel effect.
Samen met overheden, kennis- en onderwijsinstellingen, bedrijven en werkgevers- en werknemersorganisaties zorgen we ervoor dat het traject van basisschool naar arbeidsmarkt soepel verloopt. We zorgen ervoor dat elke Groninger beschikt over de juiste competenties om in te kunnen spelen op veranderend werk in een veranderende maatschappij. Daarbij is er speciale aandacht voor een leven lang ontwikkelen, duurzame inzetbaarheid en digitale geletterdheid. Met goed onderwijs en een passende baan krijgen Groningers de kans zichzelf te ontwikkelen en hun welbevinden een boost te geven. Wanneer we er in slagen meer Groningers duurzaam aan de slag te krijgen, kunnen we tegelijkertijd een grote inhaalslag maken met het inlopen van sociaaleconomische achterstanden in de provincie.

2.2 De huidige situatie in Het Hogeland

In Het Hogeland wonen relatief veel inwoners die laag of middelbaar zijn opgeleid. Door de bevolkingskrimp en vergrijzing zijn er steeds minder leerlingen in het primair en voortgezet onderwijs. Dit leidt tot druk op het aanbod en voortbestaan van deze voorzieningen, met name in het voortgezet onderwijs. Met name het voortbestaan van het voortgezet onderwijs staat onder druk. Dit heeft er al wel toe geleid dat scholen de handen ineen hebben geslagen om gezamenlijk kwalitatief sterke onderwijsvoorzieningen in stand te houden.

Op dit moment bestaat de beroepsbevolking uit ongeveer 25.000 mensen. Een effect van de bevolkingskrimp en vergrijzing is dat de beroepsbevolking afneemt. Dit beïnvloedt het bedrijfsleven, waar ongeveer 16.000 banen zijn. Daarnaast verandert de arbeidsmarkt zich snel, denk aan digitalisering en robotisering, en dat vraagt iets anders van de huidige beroepsbevolking. Dus ook de arbeidsmarkt in Het Hogeland staat voor een grote uitdaging.
De beroepsbevolking in Het Hogeland wijkt licht af van het landelijke beeld. Het bevat iets meer middelbaar opgeleiden, maar vooral ook minder hoogopgeleiden. Het aantal niet-werkende werkzoekenden is hoger dan gemiddeld in Nederland. Dat geldt voor relatief veel jongeren. In 2017 is het aantal NWW’ers met ongeveer 20% gedaald, wat achterblijft bij de provinciale en landelijke daling (-26% en -30%). Uit gegevens van het UWV blijkt dat ongeveer 40% van de NWW’ers niet over een startkwalificatie beschikt. Een groot aantal heeft een mbo 1-3 opleiding. Door toenemende digitalisering en automatisering is deze groep relatief kwetsbaar op de arbeidsmarkt.
De gemeente Het Hogeland zet in de periode 2019-2026 in op de transformatie van Werkplein Ability naar een leerwerkbedrijf. Dit wordt een algemene voorziening waarin alle inwoners die daaraan behoefte hebben of er baat bij hebben zich via praktijkleren kunnen ontwikkelen. Het doel is om uiteindelijk een Centrum voor Praktijkleren te realiseren, waarin samen wordt gewerkt met onderwijs en bedrijfsleven.

2.3 Het perspectief van Het Hogeland in 2030

Iedereen doet mee op de arbeidsmarkt, zodat de arbeidsparticipatie in Het Hogeland toeneemt. Door een intensieve samenwerking tussen het onderwijs en de ondernemers sluit het onderwijs aan op de vraag vanuit de arbeidsmarkt. Niet alleen leerlingen volgen onderwijs, ook werknemers van de bedrijven in Het Hogeland blijven zich ontwikkelen. De schotten binnen en tussen onderwijsinstellingen, bedrijven, sectoren en overheden zijn verdwenen en scholing en ontwikkeling is dichtbij georganiseerd. Hierdoor is er voor de ondernemers in Het Hogeland voldoende gekwalificeerd personeel aanwezig. Naast deze inzet vanuit Het Hogeland, werken we samen op regionale schaal om dit perspectief in te vullen.

2.4 Waar zet Het Hogeland vanuit het Nationaal Programma Groningen op in?

  • We willen een plus zetten op het praktijkleren in de regio, met als basis de transformatie van Werkplein Ability naar een leerwerkbedrijf. Op initiatief van inwoners en maatschappelijke organisaties is, samen met het lokale bedrijfsleven, een start gemaakt met het programma Leven Lang Leren verder te ontwikkelen voor Het Hogeland. Dat heeft geresulteerd in het project ‘Vakland Het Hogeland’. Met behulp van Nationaal Programma Groningen willen we extra praktijkcentra gaan creëren in Het Hogeland. Deze praktijkcentra worden gezien als een pilot voor het regionale thema van Leren en Werken (Werken aan Ontwikkeling).
     
  • We ontwikkelen een coöperatie om de samenwerking tussen ondernemers, onderwijs en overheid te te bevorderen en onze krachten te bundelen. Er is een gezamenlijke werkagenda opgezet om goedlopende projecten in onze regio te benutten en uit te bouwen. Dit sluit aan bij regionale initiatieven op dit terrein.
     
  • We laten jongeren in de gemeente vroegtijdig kennismaken met de ondernemers in de regio. Met het teruglopen van de bevolking is het belangrijk om jongeren zo vroeg mogelijk te binden aan de regio.Daar waar mogelijk benutten we koppelkansen voor sterk onderwijs (in aansluiting op de vraag van het bedrijfsleven) vanuit de versterkingsopgave van het scholenprogramma.
     
  • We onderzoeken of het mogelijk is om een mbo 1 en 2 opleiding te realiseren in een (V)mbo-campus.
     
  • We gaan investeren in beter onderwijs, ook gelet op de sociale achterstanden. Hiermee wordt een basis gelegd voor de werknemers van de toekomst. Mogelijk doen we dit door middel van een ‘verlengde schooldag’.

2.5 Bijdrage aan de ambities van het Nationaal Programma Groningen

In Het Hogeland zijn al veel lokale organisaties met elkaar actief om ontwikkelingen rond Leven Lang Ontwikkelen lokaal aan te jagen. Het enthousiasme is groot, maar de middelen ontbreken veelal. Met de inzet vanuit Nationaal Programma Groningen kunnen we een sprong maken in de organisatiekracht en schaalgrootte om de al vrijgekomen energie vanuit Het Hogeland te benutten. De inzet op deze programmalijn draagt daarnaast direct bij aan de programmalijn Toekomstbestendige bedrijvigheid en deels ook aan de leefbaarheid.

2.6 Indicatoren Het Hogeland

  • Aantal banen per 1.000 inwoners
  • Netto arbeidsparticipatie
  • Opleidingsniveau beroepsbevolking
  • Werkloosheid (aantal uitkeringen Participatiewet en WW)

2.7 Samenwerkingspartners

Werkplein Ability heeft vanuit Het Hogeland een belangrijke rol in deze programmalijn. Voor deze programmalijn wordt onder andere samengewerkt met:

  • het primair onderwijs
  • het voortgezet onderwijs (Hogeland College)
  • het mbo (Noorderpoort, Alfa College)
  • het hoger onderwijs (Hanzehogeschool)
  • Ondernemersplatform Het Hogeland
  • Arbeidsmarktregio Groningen - Noord Drenthe (Werk in Zicht)
  • Platform regionale arbeidsmarkt
  • Provincie Groningen
  • Het Rijk

2.8 Samenhang met programma’s Nationaal Programma Groningen

  • Het Lokaal Programmaplan heeft een belangrijke samenhang met andere programma’s vanuit Nationaal Programma Groningen. Vanuit het Lokaal Programmaplan wordt vooral ingezet op de verdere ontwikkeling van het leerwerkbedrijf en de centra van praktijkleren voor Het Hogeland.
     
  • De gemeente Het Hogeland is betrokken bij de regionale uitvoeringsagenda van de kadernotitie Werken aan Ontwikkeling, bijvoorbeeld bij het proces van het oprichten van gebiedscoöperaties. Er vindt overleg plaats over de verdere verbinding van de lokale activiteiten met het regionale plan.
     
  • De leerwerkomgeving van Het Hogeland wordt gebruikt voor het opleiden van vaklieden in bijvoorbeeld de bouw en de techniek. Samen met onderwijs en werkgevers willen we onderzoeken hoe we vakkrachten kunnen opleiden voor werkzaamheden rond instandhouding en restauratie van monumenten vanuit het Erfgoedprogramma.
     
  • Deze programmalijn wordt vanuit Toukomst aangedragen als één van de acht rode draden, ‘samen een toekomst voor jong Groningen’.

2.9 Projecten 2021

In onderstaand overzicht staat het project dat gelijktijdig met het Lokaal Programmaplan wordt ingediend voor financiering vanuit Nationaal Programma Groningen. In de uitvoeringsparagraaf is een totaaloverzicht terug te vinden van alle programmalijnen en projecten.

Naam projectJaartalBedrag
Vakland20202.672.400

 

PROGRAMMALIJN 3:
Wonen & Leven op de Wierden

Het Hogeland als fijne leefomgeving

Animatie programmalijn 3

3.1 Inzet vanuit het Nationaal Programma Groningen

Elke Groninger profiteert direct van een fijne leefomgeving. Daarom werken we binnen deze hoofdlijn aan een goede leefomgeving, nu en in de toekomst. We gaan aan de slag met stads- en dorpsvernieuwing en doen dat zowel op fysiek als sociaal vlak. Op lokaal niveau biedt Nationaal Programma Groningen een uitgelezen kans om bovenop de versterkingsoperatie een inhoudelijke plus te realiseren door de versterking op te schalen naar stads- en dorpsvernieuwing. Zo wordt Groningen niet alleen versterkt, maar komen dorpen en wijken beter en mooier uit de versterking. Maar ook daar waar versterking niet (op grote schaal) plaatsvindt, verdienen Groningers een fijne leefomgeving en zetten we dus in op vernieuwing. Zodat het in onze provincie prettig leven, wonen en werken is!

In Groningen gaat automatisch veel aandacht naar de fysieke leefomgeving, maar de sociale aspecten hebben misschien nog wel een grotere invloed op hoe Groningers de leefbaarheid ervaren. Dit sociale aspect van stads- en dorpsvernieuwing verdient daarom binnen Nationaal Programma Groningen bijzondere aandacht. Binnen deze hoofdlijn komen allerlei thema’s samen. Zoals gezondheid, jeugd en het voorkomen van intergenerationele armoede. We hebben steeds aandacht voor deze opgaven en zoeken aansluiting bij andere hoofdlijnen die hieraan raken. Zo creëren we samenhang tussen verschillende projecten en zorgen we voor een structurele, positieve impact op de leefomgeving van Groningers.

3.2 De huidige situatie in Het Hogeland

Het Hogeland heeft een uitgestrekt plattelandsgebied dat qua oppervlakte de op één na grootste gemeente van Nederland is, met bijna 48.000 inwoners. De gemeente is nog jong en in ontwikkeling. Een gemeente vol ruimte, met 50 dorpen en krachtige gemeenschappen waarin saamhorigheid en betrokkenheid sterke punten zijn. De gemeente heeft een unieke positie tussen Stad en Wad, met al haar buitengewone kwaliteiten. Denk maar aan het wierdenlandschap en het UNESCO Werelderfgoed Waddenzee.
De stad Groningen wordt door de inwoners van Het Hogeland gebruikt voor opleiding, werk, ontspanning en tal van andere voorzieningen. Andersom is Het Hogeland voor de stad aantrekkelijk als woonomgeving, voor recreatie en ook voor werkgelegenheid. Ze vullen elkaar daarin aan. Vanuit de Regiovisie Groningen-Assen wordt hier continu aan gewerkt.

De te verwachten veranderingen in de omvang en samenstelling van de bevolking zijn groot. Minder jongeren, minder gezinnen, meer eenpersoonshuishoudens, meer ouderen. Volgens de prognoses neemt de bevolking in de hele gemeente naar 2030 in aantal af. Het waarborgen van kwalitatief goede voorzieningen wordt daarmee alleen maar belangrijker. De woningvoorraad moet op deze ontwikkeling worden afgestemd, maar tegelijkertijd ontstaat er mogelijk ook leegstand en verloedering van vastgoed.

De bevolking neemt af en de schaalvergroting van voorzieningen neemt toe. Die combinatie leidt ertoe dat voorzieningen (waaronder zorg, sport en cultuur) geconcentreerd raken in de centrumdorpen en regionale centra. Het is onvermijdelijk dat we op termijn keuzes moeten maken. Keuzes waar wél en waar geen voorzieningen komen.

3.3 Het perspectief van Het Hogeland in 2030

Ondanks de krimp en de veranderende bevolkingssamenstelling is er voor de inwoners in ieder dorp een ontmoetingsplek. Bij voorkeur heeft deze plek verschillende functies. In de dorpen en op het platteland is ruimte voor kwalitatief landelijk en karaktervol wonen, waarmee de gemeente zich onderscheidt ten opzichte van de stad. De aangezichten van de dorpen en dorpskernen zijn kwalitatief op orde; ‘rotte kiezen’ als gevolg van de krimp en leegstand worden opgelost. Ook zijn er nieuwe woonconcepten te vinden, zoals combinaties van wonen en zorg.

3.4 Waar zet Het Hogeland vanuit het Nationaal Programma Groningen op in?

  • Het versterken van het imago van Het Hogeland als aantrekkelijke woongemeente.
     
  • Het ontwikkelen van multifunctionele ontmoetingsplekken in de dorpen om de sociale cohesie te behouden en te bevorderen.
     
  • Een kwalitatief hoogwaardige leefomgeving, waarbij we onder meer voorkomen dat aangezichten van dorpen door de krimp kwalitatief niet voldoen.

3.5 Bijdrage aan de ambities van het Nationaal Programma Groningen

De krimp van de bevolking kan negatieve gevolgen hebben voor de leefbaarheid in Het Hogeland. Dit kan bijvoorbeeld leiden tot onverkoopbare woningen en minder voorzieningen. Met de hulp vanuit Nationaal Programma Groningen is het mogelijk om extra in te zetten op de leefbaarheid, zodat de negatieve gevolgen van krimp zo minimaal mogelijk zijn. De focus ligt op de leefomgeving in het algemeen en op multifunctionele ontmoetingsplekken. Inzet op de individuele woningproblematiek gebeurt onder andere via het reguliere krimpnetwerk (geen onderdeel van Nationaal Programma Groningen).

3.6 Indicatoren

  • Leefbaarheidsscore
  • Ervaren leefbaarheid
  • Kwaliteit van de fysieke leefomgeving

3.7 Samenwerkende partners

De partners met wie Het Hogeland voor deze programmalijn onder andere gaat samenwerken, zijn:

  • Vereniging Groninger Dorpen
  • dorpsbelangen
  • Regio Groningen – Assen
  • Woningcorporaties
  • Provincie Groningen
  • Het Rijk

3.8 Samenhang programma’s Nationaal Programma Groningen

  • Vanuit het provinciaal programmaplan is er vrijwel geen aandacht voor stads- en dorpsvernieuwing (zowel fysiek als sociaal). Deze vernieuwingen zijn mogelijk een plus op reeds geplande versterkingsoperaties. Daarbij is het standpunt dat de gemeenten primair aan zet zijn.
     
  • In Toukomst worden ‘de basis op orde’ en ‘het nieuwe samenleven’ als rode draden genoemd. Die kunnen gekoppeld worden aan deze programmalijn.
     
  • Er is samenhang met het Erfgoedprogramma en het Impulsloket.
     
  • Dit onderdeel hangt samen met het nieuwe leefbaarheidsbeleid van de provincie.

3.9 Projecten

In onderstaand overzicht staan de projecten die tot nu toe via Nationaal Programma Groningen zijn gefinancierd binnen deze programmalijn. Ook staan er de projecten in die voor het komende jaar, gelijktijdig met het Lokaal Programmaplan, worden ingediend voor financiering vanuit Nationaal Programma Groningen. In de uitvoeringsparagraaf is een totaaloverzicht van alle programmalijnen en projecten terug te vinden.

Naam projectJaartalBedrag
De ontwikkeling van het dorp Roodeschool en omgeving, waarbij het onder andere gaat over de positie van het aardgascondensaatoverlaadstation in de kom van het dorp en de bredere ontwikkeling van het dorp.2020/2021PM
Het tegemoet komen van de leefbaarheid in de dorpen, bijvoorbeeld met multifunctionele accommodaties van de toekomst.2020/2021PM

PROGRAMMALIJN 4:
Zorgen voor en met elkaar

Gezondheid voor iedereen

Animatie programmalijn 4

4.1 Inzet vanuit het Nationaal Programma Groningen

Gezondheid speelt een belangrijke rol in het levensgeluk van elke Groninger. Een goede toekomst voor Groningen is dan ook niet haalbaar zonder deze gezondheidscomponent. Dit geldt des te meer omdat Groningen een aantal grote uitdagingen op het gebied van gezondheidszorg heeft. Er is sprake van vergrijzing en een deel van de Groningers heeft door uiteenlopende factoren een ongezondere leefstijl. Ook zien we dat de zorgvoorzieningen op het platteland door krimp onder druk staan.

Mede daarom zet Groningen al geruime tijd in op het verbeteren van de leefstijl van jong en oud. Het doel is om gezonder ouder worden te stimuleren en ziekte te voorkomen. Ook is er veel kennis ontwikkeld op het gebied van innovatieve zorgconcepten, bijvoorbeeld door zorgverleners in de keten met elkaar te verbinden en informatie onderling uit te wisselen en domotica. Deze uitgangspositie biedt mogelijkheden om Groningen als kenniscentrum op het gebied van gezonder ouder worden en economische bedrijvigheid rond medische wetenschap te versterken. Daarnaast verzilveren we de kansen voor zorginnovaties en andere manieren van het organiseren van zorg op het platteland. Denk daarbij aan de ontwikkeling van innovaties op het gebied van preventie en digitalisering van de zorg (e-health, domotica, persoonlijke gezondheidsomgevingen).

4.2 De huidige situatie in Het Hogeland

De bevolkingsontwikkeling van Het Hogeland creëert de komende jaren een nijpende situatie in de (informele) zorg. De demografische voorspellingen gaan ervan uit dat Het Hogeland een van de meest vergrijsde gebieden van Nederland gaat worden. Dit zorgt voor een behoorlijk scheve verdeling tussen een kleiner wordende beroepsbevolking en een groter wordende groep ouderen. Dit is overal in Nederland het geval maar op Het Hogeland is dit extremer. Daar komt nog bij dat de toegang en de afstand tot (basis)zorg, zoals de huisarts, nu al groot is en dit zal de komende jaren naar verwachting verder toenemen. Nu kunnen we in Het Hogeland bogen op een grote sociale cohesie. Maar ook die komt behoorlijk onder druk te staan (‘ouderen zorgen voor ouderen’). Bovendien komt een toenemende zorg op afstand de leefbaarheid van Het Hogeland bepaald niet ten goede.

4.3 Het perspectief van Het Hogeland in 2030

Voor alle inwoners van Het Hogeland is er laagdrempelige zorg dichtbij huis aanwezig, ondanks de grote afstanden en de afname van voorzieningen. Deze zorg wordt deels op een andere en nieuwe manier geboden: via e-health, digitale gezondheidszorg via internet. Hiermee blijft het mogelijk om zorg dichtbij te ontvangen. Doordat zorgverleners zoals huisartsen en ziekenhuizen gebruikmaken van e-health, kunnen inwoners in Het Hogeland langer thuis blijven wonen en de regie over hun eigen leven voeren. Daarnaast helpt het in het tegengaan van eenzaamheid en vermindert het de druk op de mantelzorg. Voor inwoners blijven er in de dorpen basiszorgvoorzieningen bestaan, maar wel vanuit de samenwerking tussen veel partijen. De zorg van de verschillende partijen wordt gebundeld aangeboden via één zorgloket met een samenhangende zorginfrastructuur. Het zorgloket helpt de inwoners vervolgens verder en begeleidt ze. Hiermee ontstaat er laagdrempelige ondersteuning en de mogelijkheid om vroegtijdig te signaleren.

4.4 Waar zet Het Hogeland vanuit het Nationaal Programma Groningen op in?

  • De ontwikkeling van e-health. E-health betekent dat zorg ook digitaal aan de inwoners wordt aangeboden. Als gemeente hebben we niet de middelen om het huidige aanbod op het gebied van e-health te verbeteren. Hier zit dus een hele duidelijke ‘plus’ vanuit Nationaal Programma Groningen.
     
  • De ontwikkeling van één zorgloket (cliëntportaal). Dit moet ook een preventieve werking hebben, waarbij Nationaal Programma Groningen een essentiële impuls kan geven om dit op een hoger plan te krijgen.
     
  • Het versterken van de samenwerking tussen de verschillende zorgpartijen door de ontwikkeling van een zorgcoöperatie (als sturingsfilosofie).
     
  • De ontwikkeling van een centrum voor praktijkleren gericht op de zorgsector. Door de veranderende bevolkingssamenstelling (vergrijzing) is er grote vraag naar zorgpersoneel.

4.5 Bijdrage aan de ambities van het Nationaal Programma Groningen

De afstanden in Het Hogeland zijn groot en het aantal voorzieningen neemt af. Met de inzet van Het Hogeland blijft zorg dichtbij huis aanwezig. Dit moet een positief effect hebben op de leefbaarheid.

4.6 Indicator Het Hogeland

  • Verbetering van de leefbaarheid (leefbarometer)

4.7 Samenwerkende partners

De partners met wie Het Hogeland voor deze programmalijn onder andere gaat samenwerken, zijn:

  • Hanzehogeschool (m.b.t. ontwikkeling zorgcoöperatie)
  • UMCG
  • Menzis
  • De Hoven
  • Thuiszorg
  • Huisartsen
  • Provincie Groningen
  • Het Rijk

4.8 Samenhang programma’s Nationaal Programma Groningen

  • Het provinciaal programmaplan richt zich met name op schaalvergroting op het gebied van preventie. De provincie geeft daarbij aan dat de gemeenten in de lokale programmaplannen als eerste aan zet zijn, vooral in regionaal verband. Daarbij is er speciale aandacht voor het opschalen van succesvolle projecten en initiatieven.
     
  • In de acht rode draden uit Toukomst is geen aandacht voor zorg.

PROGRAMMALIJN 5:
Het Hogeland goed verbonden

Bereikbaarheid

Animatie programmalijn 5

5.1 Inzet vanuit het Nationaal Programma Groningen

Een goede bereikbaarheid binnen de provincie geeft elke Groninger een hoge mate van vrijheid. Vrijheid om te kiezen waar je wilt wonen en werken, om vrienden en familie te bezoeken en om te recreëren. Met goede bereikbaarheid zijn ook cruciale voorzieningen dichtbij, zoals scholen, winkels en zorginstellingen. De weidsheid van het Groninger landschap en demografische ontwikkelingen zoals krimp, zorgen op dit moment voor uitdagingen op het gebied van mobiliteit en bereikbaarheid.

Door binnen deze hoofdlijn in de breedte te kijken naar mobiliteitsvraagstukken, leveren we een belangrijke bijdrage aan een goede leefomgeving voor elke Groninger. Daarnaast kan een goede bereikbaarheid een impuls geven andere ontwikkelingen, zoals zorg, toerisme en recreatie. We focussen binnen deze hoofdlijn op het ontwikkelen van mobiliteitsconcepten die passen bij de geografische en demografische opgaven in de provincie. Innovaties op het gebied van bereikbaarheid spelen daarbij een belangrijke rol, net zoals de kansen die digitale infrastructuur kan bieden.

5.2 De huidige situatie in Het Hogeland

Het Hogeland is de op één na grootste gemeente van Nederland, met verschillende vervoersnetwerken. Op het vlak van het wegverkeer is er een groot, fijnmazig netwerk aanwezig, variërend van polder- en landbouwwegen tot belangrijke ontsluitingswegen (N46, N361 en N363). De provincie zet de komende jaren in op de verbetering van de N994 en N361. De algehele bereikbaarheid van het gebied is goed, alleen zien we dat niet alle wegen de functionaliteiten kunnen bieden die nodig zijn. Dit geeft met name problemen binnen de agrologistiek. Door de decentrale ligging van de wegen is de auto een veelgebruikt vervoermiddel.

Op het gebied van waterwegen zien we een netwerk dat zich uitstrekt van de stad tot het Wad. In het netwerk zijn nog een aantal ontbrekende schakels die kansen bieden om dit netwerk uit te breiden en te verfraaien voor de recreatievaart.

De spoorlijnen bieden vanuit de grotere kernen Winsum, Bedum en Uithuizen een robuust netwerk van en naar de stad en geven een verbinding richting de Eemshaven. Dit is een ruggengraat van het openbaar vervoer.

Tegelijkertijd speelt de vergrijzing ook een rol in de bereikbaarheid. Als er minder mensen gebruik maken van vervoer en voorzieningen kan dat een negatief effect hebben op het aanbod van vervoer.
In de gemeente werken we hard aan de uitrol van glasvezel in het buitengebied. Ongeveer de helft van de gemeente is al aangesloten en naar verwachting volgt de rest in de tweede helft van 2020. Dit is een belangrijke ontwikkeling die ons landelijk gebied leefbaar en bereikbaar houdt voor de toekomst.

Daarnaast investeren we in een sterk fiets- en wandelnetwerk, waarbij ontbrekende schakels in het netwerk worden aangelegd en paden toekomstbestendiger (breder) en veiliger (met bermen) worden gemaakt.

5.3 Het perspectief van Het Hogeland in 2030

Via het spoor is een groot deel van de gemeente goed bereikbaar. Vanaf de stations zijn er met de hele gemeente goede verbindingen via het openbaar vervoer. Onder meer met aanvullend busvervoer richting de hoogwaardige overstapplaatsen (HUBS) en een betere verbinding richting Lauwersoog. Zelfrijdende voertuigen, datagedreven vervoersystemen en nieuwe, duurzame vervoersconcepten spelen een steeds belangrijkere rol in de bereikbaarheid van de regio. We willen voorop lopen in duurzame mobiliteit en als kraamkamer dienen voor pilots. Daarbij gebruiken we stroom en waterstof die geproduceerd wordt in onze eigen Eemshaven.

Vanwege onze ligging en onze grote oppervlakte zetten we in op ketenmobiliteit om ons achterland goed bereikbaar te houden voor al onze inwoners. Daarbij maken we gebruik van deelauto’s en stimuleren we fietsgebruik.

Digitaal is de gemeente overal goed bereikbaar met een dekkend netwerk voor mobiel bereik. Vanuit huis leren en werken is mogelijk voor iedereen.

5.4 Waar zet het Nationaal Programma Groningen op in?

  • De combinatie van vergrijzing en de grote afstanden binnen de gemeente, zorgen ervoor dat het op peil houden van de mobiliteit en het behouden van een dekkend netwerk van openbaar- en doelgroepenvervoer een grote uitdaging zijn. Vanuit Nationaal Programma Groningen willen we inzetten op pilots die hier een antwoord op kunnen geven. Dit kunnen bijvoorbeeld pilots zijn op het gebied van innovatief vervoer, duurzame mobiliteit of het combineren van verschillende vormen van vervoer.
     
  • Een goede digitale bereikbaarheid van de gehele gemeente, zowel in het buitengebied als in de kernen. Daar waar dit vanuit het reguliere beleid en budget niet mogelijk is, biedt Nationaal Programma Groningen hier mogelijk een oplossing voor.
     
  • Het wandel- en fietsroutenetwerk verfijnen en optimaliseren, waaronder de fietsverbindingen met de stad Groningen.

5.5 Bijdrage aan de ambities van het Nationaal Programma Groningen

De omvang van de gemeente en de afnemende bevolkingsaantallen vragen om slimme en innovatieve oplossingen voor de bereikbaarheid van de gemeente. Vanuit Nationaal Programma Groningen ontstaat er ruimte om dit verder te ontwikkelen. Toegankelijkheid en bereikbaarheid dragen bij aan een plezierige woon-, leef- en werkomgeving. Niet alleen fysiek, maar ook in toenemende mate digitaal.

5.6 Indicator Het Hogeland

  • Verbetering van de leefbaarheid (leefbarometer)

5.7 Samenwerkende partners

De partners met wie Het Hogeland voor deze programmalijn onder andere gaat samenwerken, zijn:

  • Aanbieders openbaar vervoer
  • Ondernemersplatform Het Hogeland
  • Vereniging Groninger Dorpen
  • Belangenverenigingen (o.a. ANWB, Fietsersbond, Cumela, LTO, Veilig Verkeer Nederland)
  • Groningen Seaports
  • Provincie Groningen
  • Het Rijk

5.8 Samenhang met programma’s Nationaal Programma Groningen

  • Het provinciaal programmaplan zet in op verduurzaming van mobiliteit en infrastructuur, keten- en deelmobiliteit, fietsgebruik (hoogwaardig fietsnetwerk) en slimme mobiliteit (autonoom vervoer).
     
  • In Toukomst is bereikbaarheid geen onderdeel van één van de acht rode draden. Wel wordt het mobiliteitsnetwerk genoemd als onderdeel van de rode draad ‘de basis op orde’.

PROGRAMMALIJN 6:
Pronkjewailen op ’t Hoogelaand

Beleef het Groninger landschap

Animatie programmalijn 6

6.1 Inzet van het Nationaal Programma Groningen

Het landschap bindt Groningers. Het is van ons allemaal en het hoort bij de Groninger identiteit. Het Groninger landschap is ruig en uitnodigend, de natuur is heel gevarieerd. Het is één van de oudste cultuurlandschappen van ons land, met een rijke en zichtbare historie. Dit bijzondere landschap en de diversiteit in de natuur dragen in belangrijke mate bij aan de toekomst van Groningen. Wanneer we een mooi, aantrekkelijk en divers landschap als uitgangspunt nemen, biedt dit belangrijke aanknopingspunten voor cultuurhistorie en erfgoed, natuurbehoud, circulaire en natuurinclusieve landbouw en toerisme en recreatie.

Door het landschap goed in te richten en te benutten, leggen we een basis voor een prettige leefomgeving, meer werkgelegenheid, nieuwe verdienmodellen en grotere biodiversiteit. Zo werken we aan een Groninger landschap waar niet alleen Groningers van genieten, maar dat ook aantrekkelijk is voor bezoekers.

Investeren in het Groninger landschap is extra relevant omdat de grote transities op het gebied
van energie, klimaatadaptatie en (fysieke) stads- en dorpsvernieuwing het landschap sterk beïnvloeden. Door het landschap als vertrekpunt te nemen, creëren we ruimte voor een gedeelde visie op Groningen: een leidraad voor ons landschap en onze dorpen en steden. We zorgen voor samenhang tussen omgevingsvisies en gebiedsontwikkelingen. Zo wordt Groningen een hoogwaardig samenhangend gebied waarin bovenstaande opgaven een plek krijgen en wordt het landschap één van de pijlers onder het nieuwe perspectief voor Groningen.

6.2 De huidige situatie

Het Hogeland heeft een herkenbaar en uniek landschap aan het Groninger Wad. Een terpen- en wierdenlandschap, typerende verkaveling langs de noordkust en karakteristieke diepen en maren. Het gebied is door de recreanten en toeristen nog niet echt ontdekt. Een eerste stap in het samenbrengen van het aanbod is gezet met het samenvoegen van de VVV’s tot één toeristische organisatie voor Het Hogeland.

De aardbevingen en de klimaatverandering maken duidelijk dat er snelheid moet worden gemaakt met de energietransitie. We streven naar een optimale energieneutraliteit. Deze ambitie is in Het Hogeland vertaald naar ‘Gasloos in 2035’.

Het Hogeland wil samen met het bedrijfsleven en andere partijen een aanjager zijn in de energietransitie. Voor innovatie en pilots geven we vanuit Het Hogeland ruimte.

Binnen de belangrijke sector landbouw is het zoeken naar een evenwicht met de omgeving en de natuur. De Regiodeal Natuurinclusieve Landbouw sluit hierop aan. Daarnaast levert de klimaatverandering verziltingsproblematiek bij de landbouw.

6.3 Het perspectief van Het Hogeland in 2030

Cultuur is grotendeels de drager van de recreatie en het toerisme, oftewel de vrijetijdseconomie. Het Hogeland is bekend bij toeristen en recreanten die op zoek zijn naar verhalen en belevingen in combinatie met het kwalitatieve landschap, cultuur en cultureel erfgoed. Deze unieke combinatie is goed vindbaar én zichtbaar. De eigen inwoners profiteren hier volop van en ook zij maken er graag gebruik van. Rond deze ontwikkeling is meer bedrijvigheid ontstaan. Iedereen wordt gastvrij ontvangen en van alle benodigde informatie en verhalen voorzien.

Het is ‘gewoon’ geworden om bij de ontwikkeling van projecten rekening te houden met biodiversiteit en klimaatadaptatie. Doordat er al meerdere projecten zijn gerealiseerd met aandacht hiervoor, is de biodiversiteit vergroot en is er een bijdrage geleverd aan de klimaatadaptatie. Vanuit de landbouw zijn pilots uitgevoerd voor natuurinclusieve landbouw. Dat is gunstig voor de biodiversiteit en het vermindert de stikstofproblematiek. Daarnaast is er door gezamenlijke initiatieven vanuit de dorpen, bijvoorbeeld in de vorm van energiecoöperaties, al grote vooruitgang geboekt richting een gasloze energievoorziening in 2035.

6.4 Waar zet Het Hogeland vanuit het Nationaal Programma Groningen op in?

  • Het op orde brengen van het recreatief en toeristisch aanbod in samenhang met het cultureel erfgoed. Dit betekent dat deze voorzieningen mogelijk een update nodig hebben. Daarnaast moet het geheel met elkaar worden verbonden als een ‘parelsnoer’, in combinatie met verhalen over het gebied. Dit is de basis voor het verbeteren van de vermarkting van het gebied.
     
  • Cultuur verbindt de inwoners. Het op orde brengen en versterken van het cultureel erfgoed doen we zoveel mogelijk in combinatie met het versterken van het culturele klimaat.
     
  • Het stimuleren en faciliteren van een gezamenlijke aanpak vanuit dorpen om alle woningen voor 2035 van het gas te halen. Waar mogelijk koppelen we dit aan de verbetering van de ruimtelijke kwaliteit en het gebruik van de openbare ruimte. Zo bevorderen we de leefbaarheid.
     
  • Het stimuleren van natuurinclusieve landbouw. Dit vergroot de biodiversiteit van de gemeente. De Regiodeal Natuurinclusieve Landbouw is hiervoor een belangrijk uitgangspunt. Het landschap is de drager van het gebied. De agrarische sector is groot en heeft daarmee veel invloed op het landschap. Tegelijkertijd kan het ook een bijdrage leveren aan recreatie en toerisme.
     
  • Het met pilots ondersteunen van de agrarische sector bij de verziltingsproblematiek. De klimaatverandering heeft een grote impact op één van de sterke sectoren in Het Hogeland. De aanpak van verzilting is voor Het Hogeland een belangrijk onderdeel voor de klimaatadaptatie.

6.5 Bijdrage aan de ambities van het Nationaal Programma Groningen

Een rijk landschap draagt bij aan de beleving en leefbaarheid van de gemeente. Met de inzet vanuit Nationaal Programma Groningen leveren we daar een bijdrage aan. Dit heeft ook positieve effecten op het woon- en leefklimaat en op de economie rond verblijfs- en dagrecreatie.

6.6 Indicatoren

  • Aantal overnachtingen
  • Aantal bezoekers bij de recreatieve voorzieningen en het cultureel erfgoed
  • Vindbaarheid van Het Hogeland online
  • Toename biodiversiteit

6.7 Samenwerkende partners

De partners met wie Het Hogeland voor deze programmalijn onder andere gaat samenwerken, zijn:

  • de regionale toeristische organisatie
  • Marketing Groningen
  • Visit Wadden
  • de recreatieve voorzieningen en ondernemers
  • de organisaties rondom het cultureel erfgoed
  • natuurorganisaties
  • samenwerkingspartners in de energietransitie
  • Regiodeal natuurinclusieve landbouw
  • Provincie Groningen (o.a. opstellen nieuw beleid Toerisme 2021-2030)
  • Het Rijk

6.8 Samenhang overige Nationaal Programma Groningen programma’s

  • Het provinciaal programmaplan zet vooral in op klimaatadaptatie, het in hun kracht zetten van erfgoed, cultuurhistorie en landschap, met cultuur een nieuw en passend verhaal aan landschap en omgeving toevoegen en deze beleefbaar maken, een gebiedsbiografie, het behoud en doorontwikkeling van het gebouwde erfgoed en de archeologie, toeristische productontwikkeling en het stimuleren van innovatieve en ambitieuze initiatieven uit de vrijetijdssector.
     
  • In Toukomst is er veel aandacht voor dit thema. Twee van de acht rode draden hebben hier betrekking op: ‘heling en identiteit’ en ‘toerisme en recreatie’.
     
  • Het erfgoedprogramma biedt mogelijkheden voor de ontwikkeling van het erfgoed, waarbij Zoutkamp één van de concrete projecten is die financiering vanuit dit programma ontvangt.
     
  • Het Programma Lokale Energietransitie

6.9 Projecten

In onderstaand overzicht staan de projecten die tot nu toe via Nationaal Programma Groningen zijn gefinancierd binnen deze programmalijn. Ook staan er de projecten in die voor het komende jaar, gelijktijdig met het Lokaal Programmaplan, worden ingediend voor financiering vanuit Nationaal Programma Groningen. In de uitvoeringsparagraaf is een totaaloverzicht van alle programmalijnen en projecten terug te vinden.

Naam projectJaartalBedrag
Kunstcentrum De Ploeg Wehe–den Hoorn
Restauratie van oude monumentale RK St-Jozefschool om het pand geschikt te maken als Kunstcentrum.
Tevens is het een knooppunt voor bezoekers en eigen inwoners voor een breed scala aan activiteiten.
20193.000.000
Koppelkansen waterwerken Zoutkamp:
  • Behouden en versterken van de cultuurhistorische waardevolle
    monumenten en elementen (herstel Hunsingosluis en de muraltbekleding)
  • Ontwikkeling van toerisme en (vaar)recreatie
    (o.a. fietspad Electra – Zoutkamp, recreatieve voorzieningen)
  • Vergroten van (be)leefbaarheid Zoutkamp
    (o.a. aanpak verkeersveiligheid, fiets- en voetgangersbrug)
 
20201.765.500
De ontwikkeling van Wierden in de gemeente (Wierden van Waarde),
waar deels redelijke concrete initiatieven voor zijn, maar nog geen totaalplan.
Het wierdenlandschap is een uniek kenmerk van Het Hogeland.
Vanuit het Nationaal Programma wordt ingezet op het behoud én versterking van deze wierden.
2020/2021PM
De ontwikkeling van de musea in Het Hogeland om de culturele waarde van deze musea te behouden.2020/2021PM

Uitvoeringsparagraaf

In deze uitvoeringsparagraaf geven we een overzicht van alle lopende projecten die al goedgekeurd zijn, de zogenaamde ‘no-regret’ projecten. Daarnaast geven we aan welke projecten gelijktijdig met het Lokaal Programmaplan worden ingediend en welke projecten later in het jaar worden verwacht.

Programmabegroting

In onderstaande tabel staan de budgetten die feitelijk beschikbaar zijn gesteld (of aangevraagd) voor de projecten binnen de verschillende programmalijnen. Deze projecten dragen niet alleen bij aan de betreffende programmalijn, maar dragen ook bij aan de brede ambities van Nationaal Programma Groningen. Onderstaand overzicht laat zien aan welke ambities tot nu toe geld beschikbaar is gesteld. Er is nog geen onderverdeling van de budgetten per programmalijn gemaakt. Gezien de looptijd van het Lokaal Programmaplan is er flexibiliteit nodig om in te kunnen spelen op toekomstige ontwikkelingen en om (onvoorziene) kansen te benutten. We nemen eventuele wijzigingen in de toekomstige actualisaties van dit programmaplan mee.

Omschrijving202020212022Totaal
Programmalijn 111.6PMPM11.6
Programmalijn 2-2.7PM2.7
Programmalijn 3-PMPMPM
Programmalijn 4-PMPMPM
Programmalijn 5-PMPMPM
Programmalijn 631,8PM4.8
Proceskosten0.4PMPM0.4
BTW0.99PMPM0.99
Totaal15.994.5PM20.49
Middelen NPG Het HogelandTrekkingsrecht
Trekkingsrecht tot en met 202238.400.000
Trekkingsrecht na 2023*37.300.000
Proceskosten400.000
Totaal76.100.000

* Voor de lokale programmaplannen is op dit moment het trekkingsrecht tot en met 2022 verdeeld. Het Hogeland is er met haar Bidbook en Lokaal Programmaplan van overtuigd dat de volledige 100% van haar trekkingsrecht ingezet moet worden om de gewenste ‘plus’ voor de Brede Welvaart te realiseren. Bij het vaststellen van het trekkingsrecht vanaf 2023 zal Het Hogeland hier dan ook op inzetten, waarbij vast staat dat minimaal 50% van de middelen tot 2022 worden toegewezen. In de tabel is 100% van het trekkingsrecht vermeld.

Reeds bestemde middelen JaarBijdrage NPGBTW 
Projecten 2018 (emotionele en sociale ondersteuning,
beschermd wonen Uithuizen, herinrichting Oosterstraat
Warffum, Wijkaanpak Ripperdadrift Uithuizen,
Hoogholtje Maarhuizen, Spelen, ontmoeten en bewegen
Zoutkamp en trapsgewijs terras Mensingeweer)
20181.081.090  
Plus op centrumplan Bedum20192.856.000819.000 
Plus op centrumplan Winsum20193.542.000 
Plus op centrumplan Uithuizen20192.632.000 
Plus op centrumplan Uithuizermeeden20192.570.000 
Kunstcentrum De Ploeg Wehe-den Hoorn20193.000.000136.500 
Emotionele en sociale ondersteuning2019237.500  
Proceskosten tot 20222019400.00042.000 
Totaal 15.000.000 17.316.090

Restant trekkingsrecht: 76.100.000 - 17.316.090 = 58.783.910

Overzicht projecten die gelijktijdig met Lokaal Programmaplan worden ingediend

Gelijktijdig met het Lokaal Programmaplan worden twee projecten ingediend: waterwerken Zoutkamp en Vakland Het Hogeland.

Project Waterwerken Zoutkamp

De waterwerken bij Zoutkamp worden hersteld. Naast dit herstel zijn er vanuit het project diverse koppelkansen die voor een duidelijke ‘plus’ in de regio zorgen. Met een bijdrage vanuit Nationaal Programma Groningen kunnen we deze kansen realiseren, omdat deze een bijdrage leveren aan de ambities. Een werkgroep heeft de koppelkansen uitgewerkt tot een concreet project. Deze kansen zijn onderdeel van een bredere gebiedsopgave. De kansen betreffen het bevaarbaar maken van de waterwegen, het elektrificeren en zichtbaar maken van de gemalen, het opknappen van de historische sluis en koppelkansen voor wandel- en fietspaden in en om Zoutkamp. Daarnaast hebben ondernemers in Zoutkamp aangegeven dat als deze werken worden uitgevoerd, zij ook allerlei investeringen gaan doen die de leefbaarheid en beleefbaarheid van Zoutkamp vergroten. Naast de middelen die de gemeente vanuit Nationaal Programma Groningen beschikbaar wil stellen, verwachten we een zelfde bijdrage van de provincie vanuit het thematisch programma en een bijdrage vanuit het Erfgoedprogramma. Hiermee proberen we een maximaal hefboomeffect te bereiken met de beschikbare middelen.
Een uitgewerkt projectformat geeft een uitgebreide omschrijving van het project. We dienen dit projectformat gelijktijdig met het Bidbook in bij Nationaal Programma Groningen.

Project Vakland Het Hogeland

Vakland Het Hogeland is een initiatief van verschillende instellingen en organisaties op het gebied van onderwijs, maatschappelijke ontwikkeling en werk. Het doel van ‘Vakland Het Hogeland’ is om in een periode van drie jaar een dynamisch programma en bijbehorende infrastructuur op te bouwen. Dit willen we aanbieden als algemene voorziening aan inwoners, met een passend aanbod voor leerlingen uit het onderwijs, werkenden, werkzoekenden en niet-werkenden. Dit gebeurt door de opzet van drie Praktijk Leer & Ontwikkelcentra (PLOC) in Uithuizen, Warffum en Winsum. Deze centra zijn voor de richtingen bouw/techniek, ICT en innovatie en zorg/groen/horeca/toerisme. Samenwerking met het lokale bedrijfsleven is essentieel voor het slagen van dit project.

Een uitgewerkt projectformat geeft een uitgebreide omschrijving van het project. We dienen dit projectformat gelijktijdig met het Bidbook in bij Nationaal Programma Groningen.

Overzicht projecten die het bestuur van plan is om komend jaar in te dienen

Op dit moment verkennen we ontwikkelingen waaruit mogelijk projecten voortvloeien die eind 2020 of in 2021 worden ingediend. Deze ontwikkelingen kunnen een concrete invulling geven aan de ambities uit de programmalijnen. Ze zijn niet voor niets gekozen. In het ene geval zijn al concrete plannen of ideeën, anderzijds zijn het thema’s die door het college zijn aangemerkt als belangrijke ontwikkeling voor de korte termijn op basis van de participatie die is gedaan tijdens het opstellen van dit Lokaal Programmaplan.
Zodra deze ontwikkelingen in de vorm van een project worden ingediend bij Nationaal Programma Groningen, wordt aan de hand van de projectformats duidelijk hoe het een bijdrage levert aan de ambities van Nationaal Programma Groningen. Het maakt duidelijk waarom juist nu de middelen van Nationaal Programma Groningen hiervoor nodig zijn en welke effecten we verwachten. Op deze wijze geven we ook ruimte aan onze stakeholders om bij te dragen in de uitwerking van de ontwikkelingen. Met het kiezen van deze ontwikkelingen, geven we aan waar onze prioriteit ligt op de korte termijn. Het gaat om de volgende ontwikkelingen:

  • De ontwikkeling van het dorp Roodeschool en omgeving. Het gaat hier onder andere om de positie van het aardgascondensaatoverlaadstation in de kom van het dorp en de bredere ontwikkeling van het dorp.
     
  • De ontwikkeling van Wierden in de gemeente (Wierden van Waarde), waar deels redelijke concrete initiatieven voor zijn, maar nog geen totaalplan. Het wierdenlandschap is een uniek kenmerk van Het Hogeland. Vanuit Nationaal Programma wordt ingezet op het behoud én versterking van deze wierden.
     
  • De ontwikkeling van het centrum van Leens, passend bij het detailhandelsbeleid van Het Hogeland en de eerdere centrumplannen voor de drie overige kernen die een hoofdwinkelgebied zijn.
     
  • De ontwikkeling van de musea in Het Hogeland om de culturele waarde van deze musea te behouden.
     
  • Het tegemoet komen aan de leefbaarheid in de dorpen, bijvoorbeeld met multifunctionele accommodaties van de toekomst.

Het Hogeland werkt bovenstaande ontwikkelingen op korte termijn verder uit. Mogelijk leidt dit tot concrete projectaanvragen voor Nationaal Programma Groningen. Bij de uitwerking hiervan zoeken we nadrukkelijk de verbinding met de overige onderdelen van Nationaal Programma Groningen, waaronder het provinciaal programmaplan op het gebied van de ontwikkeling van centra voor praktijkleren.

Actualisatie en monitoring

We actualiseren het bidbook regelmatig. Bij de actualisatie maken we gebruik van de monitoring en rapportage die Nationaal Programma Groningen aanlevert, en van de monitoring op de eigen indicatoren.

Het participatieproces

Nationaal Programma Groningen stelt als één van de randvoorwaarden bij het opstellen van het Lokaal Programmaplan dat inwoners aantoonbaar hebben meegedaan. Dit hoofdstuk geeft een uitgebreide beschrijving van het participatieproces. De overige randvoorwaarden komen in het volgende hoofdstuk aan bod.

Participatie vooraf

Het Hogeland is een jonge gemeente die in 2019 is ontstaan door een fusie van de gemeenten Bedum, Eemsmond, De Marne en Winsum. Tijdens het herindelingsproces heeft er een intensief participatieproces met de stakeholders in de gemeente plaatsgevonden. Dit zijn niet alleen de inwoners, maar bijvoorbeeld ook ondernemers en organisaties. Samen hebben ze meegedacht over de toekomst van de nieuwe gemeente. We hebben de inwoners onder andere gevraagd wat hen bindt, maar ook waar hun zorgen liggen én wat niet verloren mag gaan.

Daarnaast hebben de inwoners aangegeven wat ze van de gemeente verwachten en welke onderdelen ze het belangrijkste vinden. Deze staan hieronder weergegeven:

OnderdeelPercentage
Kwaliteit woonomgeving51%
Werkgelegenheid34%
Maatschappelijke ondersteuning, jeugdzorg en participatie27%
Kwaliteit voorzieningen bij u in de buurt57%
Karakter van uw dorp behouden45%
Actief dorpenbeleid21%
Digitale dienstverlening14%
Lokale betrokkenheid27%
Anders, namelijk7%
Geen mening1%

Het resultaat van dit participatieproces is de Visie Ruimte!, die de grondlegger voor de gemeente Het Hogeland is geworden. De Visie Ruimte! is een belangrijke basis voor het Lokaal Programmaplan en waar Het Hogeland op in wil zetten met Nationaal Programma Groningen. We vullen het plan aan met nieuw opgestelde visies die de komende jaren met een participatieproces tot stand zijn gekomen.

Participatie tijdens het proces

Om te toetsen of de Visie Ruimte! een goede vertaling heeft gekregen in het Lokaal Programmaplan hebben we bij het opstellen van dit plan in verschillende vormen inwoners betrokken:

  • Een klankbordgroep van zeventien inwoners die niet zijn ingeloot voor het Toukomst-panel heeft op een aantal momenten actief een reactie gegeven. Enerzijds als feedback op de conceptplannen, maar ook als klankbord voor de inrichting van de digitale participatiebijeenkomst en het ontwikkelen van de animatie.
     
  • In juni is een digitale enquête (Maptionnaire) uitgezet onder de inwoners van Het Hogeland. Zeshonderd inwoners hebben de enquête ingevuld. Hierin zijn vragen gesteld voor het Lokaal Programmaplan, maar ook voor andere visies die we opstellen. Bijvoorbeeld over duurzaamheid, mobiliteit en wonen. Deze input is verwerkt in het Lokaal Programmaplan.
     
  • Een digitale participatiebijeenkomst eind augustus, waarbij er op het hoogtepunt ruim 160 kijkers waren via het YouTubekanaal van de gemeente. Op basis van deze bijeenkomst zijn 388 live reacties gekomen en via WhatsApp en email ruim 50 reacties. Voor deze bijeenkomst is een campagne geweest om aandacht te vragen voor deze bijeenkomst én de indieners van project ideeën voor Toukomst zijn actief benaderd.

Al deze input heeft geleid tot een aantal aanscherpingen van het Lokaal Programmaplan. Voorbeelden hiervan zijn dat landbouw en cultuur beter zijn belicht in het Lokaal Programmaplan. Daarnaast heeft een groot deel van de input betrekking op lokale projecten, als mogelijke vertaling van de ambities. Deze input wordt betrokken bij de thematafels die we opstarten in het najaar van 2020.

Met de inbreng die eerder al eerder is opgehaald tijdens het herindelingsproces en met de input van inwoners en stakeholders is een Lokaal Programmaplan ontstaan waar:

  • Inbreng voor is opgehaald;
  • draagvlak voor is en
  • enthousiasme bij inwoners en stakeholders is gecreëerd om de komende jaren verder mee te werken aan de invulling van het plan.

De combinatie van deze verschillende activiteiten, waaronder de inzet van online participatie, heeft ertoe geleid dat een relatief groot deel van de inwoners heeft meegedaan. Met deze participatie is de basis gelegd om gezamenlijk verder te werken aan het Lokaal Programmaplan.

Gezamenlijke uitvoering

De uitvoering van het Lokaal Programmaplan is de verantwoordelijkheid van de gemeente Het Hogeland. Maar de gemeente wil én kan dit niet alleen. Per programmalijn worden er thematafels georganiseerd. Bij de uitvoering van de programmalijnen en de thematafels worden stakeholders betrokken, waaronder inwoners. De gezamenlijkheid in de uitvoering wordt voor een aantal programma’s mogelijk vormgegeven in de oprichting van een coöperatie.

Als de gemeente gedurende de looptijd van het Lokaal Programmaplan nieuw beleid opstelt (wat meestal vanuit een proces met participatie gebeurt), kan dit input zijn bij de terugkerende actualisatie van het Lokaal Programmaplan.

De betrokken inwoners en stakeholders dragen vanuit de zes programmalijnen de projecten voor die vanuit het Lokaal Programmaplan worden voorgesteld voor financiering binnen Nationaal Programma Groningen. Daarmee borgen we de participatie en het draagvlak.

Naast de projecten die worden uitgevoerd vanuit het Lokaal Programmaplan van Het Hogeland worden ook vanuit de andere programma’s van Nationaal Programma Groningen projecten uitgevoerd. Zo wordt een deel van de ideeën die inwoners bij Toukomst hebben ingebracht, uitgevoerd. Inwoners kunnen voor nieuwe projectinitiatieven terecht bij het Impulsloket en het loket Leefbaarheid van Nationaal Programma Groningen.

Het plan in fasen

  • FASE 1, voor maart 2020
    Ophalen en meedenken (fysiek): “Ruimte” rondom herindeling
  • FASE 2, juni en juli 2020
    Meeweten (digitaal): Klankbordgroep > plan 70% klaar
  • FASE 3, augustus en september 2020
    Meeweten (digitaal): digitale participatiebijeenkomst, klankbordgroep, idee indieners Toukomst, Raad > plan 80% klaar
  • FASE 4, na 1 november 2020
    Meedoen (digitaal en fysiek): thematafel partners per programmalijn > plan 100% klaar

Downloads

Aanpassingen aan het plan

Dit lokaal programmaplan Kop op 't Hogeland is onder voorbehoud van aanpassingen aan het Nationaal Programma Groningen.